“Bennie Bang”

21 mei 2019 | Portretten

Ben was al zijn hele leven een stoere man. Tot op een dag, tien dagen na zijn 37e verjaardag collega Gerda tegen hem zei in een vertrouwelijk gesprek; Je houdt je adem in als ik je een vraag stel. Je schouders staan omhoog en ik zie paniek in je ogen. Is er iets? Ben je bang? “Hoe kom je daar nou bij”? zei Ben. Je moet je niet door angst laten regeren. Trouwens: waar zou ik bang voor moeten zijn? 

Een aantal jaren gingen voorbij en Ben was nog steeds niet bang. Maar raakte toch wel nieuwsgierig. Zijn vrienden waren namelijk wel bang. Bang om hun kinderen te verliezen, bang om ziek te worden, bang voor terroristische aanslagen, bang om te spreken in het openbaar, bang om de verkeerde schoenen aan te trekken op een feestje, bang om te moeten poepen op kantoor, bang dat ze te laat kwamen op hun volgende afspraak. Niet dat ze het erover hadden maar hij zag het aan ze.  

Op een dag vroeg hij daarom aan zijn dochter die niet in slaap kon komen. Hoe voelt dat? Bang zijn? Waarop zij even nadacht en antwoordde; Het voelt als een knoop in je maag, of iets in je keel. Je schouders  gaan omhoog, je ogen worden groot. Je weet dat er geen monsters zijn en toch voel je je niet rustig. Tot zijn ontzetting besefte Ben dat hij zich zijn hele leven vergist had.

Vanochtend nog toen de brug openging en hij bijna te laat was voor zijn afspraak. Daarnet nog toen Tineke zei dat zij buiten ging lunchen en hij zich had afgevraagd; Wil ze niet bij mij zitten? Gisteren nog; Toen hij zijn kinderen slapend in bed zag liggen en vanochtend toen hij in de spiegel keek en een vreemde moedervlek zag. Daar is het weer. Dat gevoel. Dacht hij s’avonds toen zijn vrouw hem iets minder uitbundig groette dan normaal. Hij had het nooit zo herkend, stoer als hij was. Maar nu hij erop lette merkte hij dat collega Gerda gelijk had.

Er zaten heel wat nadelen aan Ben zijn ontdekking. Hij kreeg fysieke klachten: voelde opeens de kramp in zijn schouders die hij al jaren had, voelde zich gestrest en snel opgejaagd. Toch klaagde Ben niet. Sterker nog; hij leerde zichzelf van een heel andere kant kennen. Zo bleek hij bijvoorbeeld een hekel te hebben aan drukke feestjes. Ontdekte dat hij hoeveel hij van zijn gezin hield en sprak hij minder in het openbaar. Ook collega’s merkten slechts positieve effecten. “Ben is de laatste tijd zo benaderbaar”. 

Niemand wist wat er gebeurd was behalve Ben. Ben hield het voor zich, stoer als hij was. Zijn collega’s zouden het toch niet geloven. Alleen zijn dochter kwam erachter. Dankzij de avonturen van de nieuwe hoofdpersoon in de verhalen voor het slapengaan: Bennie Bang.  

 

 

Over de schrijver

Natasha Schulte is oprichter van Studio Spaak en geeft workshops, leidt nagesprekken en schrijft blogs en scenes op maat.